‘’Het voelt alsof mijn zenuwen zijn doorgesneden! Ik trek dit echt niet meer!’’
Bijgewerkt op: 5 dagen geleden
Ik hoor de angst en pijn in haar stem. Tussen de zinnen door hapt ze naar adem. Zodra ik het toilethokje uitkom, zie ik haar samen met een vriendin bij de wastafel staan. Het bloed is uit haar gezicht weggetrokken en ze deint met haar lichaam heen en weer. Haar vinger houdt ze stevig vast, alsof ze daarmee de pijn kan afklemmen.
Ze vertelt dat een gewicht van zestien kilo op haar vingertop is gevallen. Het koude water uit de kraan helpt niet. ‘’Ik weet niet meer wat ik moet doen!’’ Het vertellen gaat met horten en stoten. Haar hele lichaam staat onder spanning. Niet vreemd met de hoeveelheid pijn die ze ervaart. Ik kijk haar aan en vraag ‘’Mag ik je helpen?’’. Zachtjes knikt ze, terwijl ze opnieuw naar adem hapt.
Bij de meeste mensen wordt de drang naar ademhalen vooral gestuurd door een stijging van het kooldioxidegehalte (CO2) in het bloed en de behoefte om deze te lozen. Deze stof zorgt ervoor dat zuurstof vanuit het bloed in de cellen en hersenen terechtkomt. Kooldioxide ontstaat voortdurend wanneer onze cellen voedingsstoffen verbranden om energie op te wekken.
Stijgt het kooldioxidegehalte te veel, dan geven chemoreceptoren het lichaam het signaal om meer te ademen en het overschot uit te ademen. Dit gebeurt bijvoorbeeld met sporten. Pas bij een ernstig zuurstoftekort gaat ook de zuurstofspiegel een belangrijke rol spelen bij ademhalen.
In situaties met bijvoorbeeld acute pijn of hevige stress gebeurt er iets anders. Iemand ademt sneller dan het lichaam op dat moment nodig heeft. Daardoor wordt meer kooldioxide afgevoerd dan het lichaam produceert. Het kooldioxidegehalte daalt en de bloedvaten naar de hersenen vernauwen zich tijdelijk. Hierdoor kunnen klachten optreden als duizeligheid, tintelingen, een licht gevoel in het hoofd en oorsuizen. Eventueel ook wazig zien. In sommige gevallen valt iemand uiteindelijk flauw.
Hoe kan dit voorkomen worden? Minder kooldioxide lozen, dus minder ademen. De chemoreceptoren geven dit ook aan. Toch zie ik een dame voor mijn neus staan die ontzettend snel ademhaalt en niet van plan lijkt minder te gaan ademen.
Dat komt hierdoor: de amygdala (de alarmcentrale van onze hersenen) reageert op de stress en stress die het lichaam ervaart. Samen met de hypothalamus zet zij het lichaam in de ‘vecht-, vlucht-, bevries- of please-stand’. Het lichaam maakt zich klaar om in actie te komen. De hartslag stijgt, spieren spannen zich aan en het lichaam blijft in opperste staat van paraatheid. De stressreactie krijgt op dat moment de overhand, waardoor je ondanks het signaal van de chemoreceptoren toch snel blijft ademen. Zo houdt de vicieuze cirkel zichzelf in stand.
Blijft dit voortduren, dan bestaat de kans op flauwvallen. Meer dan eens heb ik dit zelf meegemaakt. De laatste keer omdat de nagel van mijn duim in het ijzer van de deur bleef hangen. Ik voelde een immense pijn, ademde kort en snel, mijn oren suisden en hopla, daar ging ik!
Daarom richt ik mij bij haar direct op haar ademhaling. Omdat ze nog goed aanspreekbaar is, vraag ik haar mijn ademhaling te volgen. Bewust adem ik met meer geluid dan normaal in door mijn neus in twee tellen. Ik blaas met getuite lippen uit in drie tellen. Na een paar ademhalingen verleng ik de uitademing naar vier tellen. Ik tel met haar mee, terwijl ik met een schuin oog zie dat haar vriendin ook meedoet. Langzaam worden hun ademhalingen rustiger. Ze lacht. "Oh, dit helpt echt, dank je!"
Bij hevige pijn of stress voelt het alsof iemand te weinig lucht krijgt, terwijl er vaak nog voldoende zuurstof in het bloed aanwezig is. De klachten ontstaan door te snel ademen en het lage kooldioxidegehalte. Juist sneller of dieper ademen houdt deze vicieuze cirkel in stand.
Om de ademhaling tot rust te brengen, kunnen deze tips helpen:
Richt de aandacht op een rustige, gelijkmatige ademhaling. Dat helpt het zenuwstelsel om het gevoel van veiligheid langzaam terug te vinden. Tel hardop mee of zelf in je hoofd.
Verleng de uitademing. Adem bijvoorbeeld twee tellen rustig in door de neus, houd eventueel één tel pauze en adem vervolgens vier tellen uit door licht getuite lippen. Voelt de adempauze nog onprettig? Laat die dan achterwege en bouw hem eventueel later op.
Mocht iemand toch richting flauwvallen gaan, help diegene dan naar een liggende positie. Door de benen omhoog te houden, kan het bloed gemakkelijker terugstromen naar de hersenen. Zorg waar mogelijk voor een rustige omgeving en frisse lucht en vraag eventueel om assistentie van een omstander. Blijft iemand buiten bewustzijn of komt diegene niet binnen twee minuten bij, bel dan 112.
Gelukkig viel deze dame niet flauw. Uiteraard was ze flink geschrokken en heeft ze een tijd met haar vriendin gezeten. Daarnaast was er een kundige fysiotherapeut in het pand die haar heeft gecontroleerd en gerustgesteld. Behalve flinke trillingen in het lijf leek ze het goed te maken.
Ik ben dankbaar dat ik haar mocht helpen. Het blijft me verwonderen hoe iets wat we de hele dag doen, ademhalen, op een moeilijk moment ineens het verschil kan maken.


Opmerkingen